Vulkanentocht 2025 Dag 7: Hier is geen zak te beleven (of toch?)

We schonken Prosecco en schalden een verjaardagsliedje voor Kris. 
Vandaag wordt het immers een zware dag met 2.200 hoogtemeters. En al meteen na 20km hebben we prijs met een kilometerslange moordende klim van 10 procent. Monte Scalioso op weg naar een dorpje waar werkelijk geen zak te beleven was. Toch wel, zegt Paul en hij toont me de foto van de Piazza del Popolo waar 3 oude sassa’s zitten samen met Katrien.

DAT is wel geestig, maar voor de rest geen bal te beleven, nada. Ja, de Giro is hier gepasseerd. Nou moe. En ja, de wegen zijn goed geasfalteerd, maar that’s it! Parcourist Kim krijgt dan weer wel flinke bonuspunten als we Matera binnen bollen (Paul spreekt het steevast uit als Materna, naar de bekende confiturist Edouard Materne die het bedrijf 130 jaar geleden stichtte in Wépion bij Namen. Wépion is bekend om z’n aardbeien (de spellingcorrector maakte er aambeien van). Maar dit geheel terzijde. 

Matera is Unesco werelderfgoed en is een van de oudste bewoonde steden gebouwd aan de wand van een diepe ravijn met een adembenemend zicht. Het bestaat uit Sassi (stenen) grotten en huizen opgetrokken uit tufsteen. Bijzonder druk en toeristisch met vele bars en resto’s maar ZEKER de moeite van een bezoek. Dankjewel Kim voor dit cultureel juweeltje.  

De klokken van Matera slagen 12 uur alsof er iemand overleden is. We moeten nog 100km door schitterende gemeen glooiende landschappen over de Via Appia – daarover reden we 6 jaar geleden ook tijdens de Piza-Rome tocht – maar wat is het bloedheet met temparaturen van 40 graden meer. Het is echt wel zweten als de beesten. Er kan niet genoeg gedronken worden. We moeten de weg corrigeren want die wordt elke honderd meter brokkeliger. Nog 25 km te gaan en we weten dat dit een bergrit wordt met een huizenhoog percentage. Gelukkig gaat Hans z’n stuurvork alweer zwalken zodat ik mijn fiets met plezier aan hem doorspeel. Ook Christophe stapt mee in de bus bij Leo. Intussen begrijp ik z’n koetervlaams al wat beter en we schrikken ons een hoedje als we zien hoe de andere cyclisten zich te pletter rijden op een onmenselijke helling. We zoeken ons Grande Albergo op, laden de koffers uit van deze gladiatoren van de weg, drinken een biertje om alles door te spelen en we zijn weer klaar voor een avondje vol wilde verhalen. Nog 2 dagen afzien en we kunnen net als Keven De Bruyne aan de medische testen beginnen in Napels….

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie