
Vorige week was het hier nog 30 graden in Dublin, maar vandaag is het bewolkt, regenachtig en koud. Het wordt overleven vandaag met gedurende de eerste 70km liefst 8 hellingen en 1.738 hoogtemeters. En niet voor poessies. Parcoursbouwer Kim vertelde vooraf dat hij geen ‘neepjes’ had gevonden, maar dit is klefferen aan gemiddeld 8 tot 12procent. En kletsnat na zowat 2 uur, zodat je op de bergaf amper door je bril kon kijken. Onze Führer had gerekend op 25km/u maar uiteindelijk werd het amper 17km/u voor de meerderheid. Kim reed lek op de voorlaatste heuvel. Het zal hem leren. Ik bengelde achteraan, vloekte en spuwde mijn gal. Is dit nu vakantie? Ik besluit na 73km er letterlijk de b(r)ui aan te geven. De anderen zijn allemaal beter. Ik ben het kneusje. Iedereen moedigt me aan. Paul, de goede inborst wacht op een afslag. Anders had ik helemaal het foute pad afgedaald. William ziet bij de lunch de wagen van onze Leo, ook een bijzonder goede inborst (iets groter) niet staan en rijdt nog kilometers verder om vervolgens, na ettelijke telefoons, terug te keren. Zijn familie, broers en schoonzussen wachten in de bar in het Kilkenny hotel.

Tot mijn verbijstering merkt de rest van de groep pas 2 uur nadat ik de camion van Leo gestapt ben dat ik er niet meer bij ben. Christophe, die de eerste helft van de rit bij Leo aanschurkte heeft mijn plaats ingenomen, maar heeft wel het geluk dat het droog blijft tot de finish. Kris komt als eerste binnen, een half uur voor de rest van het peloton, tot groot jolijt van Katrien. De douche in het hotel is uitstekend. Morgen 180km met 85 procent kans regen…
Maar eerst nog een Guiness als aper en een super lekker dinner in restaurant Petronella, waar de bekendste heks van Ierland op de brandstapel werd gezet…




