Wisselvallig betekent in Ierland toch nog iets anders dan in Belgenland. We hadden wat zon, wat striemende hagel, we hadden wolken, regen, nog even zon maar toch vooral nog regen en veel wind. Volgens Strava: Luchtvochtigheid 77%, gevoelstemperatuur gemiddeld 6 graden. Het is vandaag 8 juni. Toch rijden we goedgemutst weg uit Galway. Vandaag bollen we langs de Connemara meren, prachtig, grillig, steenrijk (letterlijk) met schitterende vergezichten. ‘Het nummer Lac de Connemara van Michel Sardou kennen we uiteraard vanop trouwfeesten waarop wat benevelde ouderlingen verwoed met een witte zakdoek wuiven. Wist je dat Sardou nog nooit in Connemara geweest was toen hij de wereldhit in 1981 schreef? Aanvankelijk wou hij een nummer over Schotland schrijven maar omdat hij daar niets over vond haalde hij een reisfolder boven over de Ierse Connemara regio…

De eerste 60km draaiden vlot, met een korte terp in het midden. Leo stond er langs de kant samen met Jo die zich wat ziek voelde vandaag. Christophe nam de Uber naar het eindpunt Killary (vooral bekend om z’n fjord van 16km lang). Middaglunch zou pas rond km 120, zeg maar rond 15u klaar staan want de Connemara is zo goed als onbewoond op wat Blackface schapen met ruig haar na (met een rode of blauwe plak verf op hun vacht zodat de boeren kunnen herkennen wie hun schapen zijn, vertelt onze locale gids broeder William. Als een autochtoon in z’n wagen vloekt dat wij als fietsers in de weg rijden, roept hij: ‘jullie zijn nog erger dan schapen’. En schapen zijn we want we volgen gedwee de weg, ook al staat daar blocked road. We ontmoeten bebaarde fietsers uit Boston bij het zinkgat in de weg. ‘We moeten door,’ roept Michel, ‘het begint te regenen’. Het was erger, hagel schiet tegen ons beproefde aangezicht. Bergop, met wind tegen dan nog. Het weer mildert weer en we glijden af naar de pub waar goede borst Leo de zoveelste, brood en vooral worst voorzien heeft.

Nog 40km tot de lange fjord. Dat wordt een makkie, dachten we. Nog een winderige groepsfoto op het hoogste punt en vervolgens bergaf in doldrieste regen naar het hotel. Kleddernat arriveren we in het pittoreske Leenane hotel: ‘zonder lift’, foetert Didier die naar de tweede étage moet. A la guerre comme à la guerre. Morgen, dinsdag, gaan we al voor de vierde dag en zijn we tegen de middag halfweg. Het weer wordt wisselvallig…


